De spelregels van padel
De service
Bij padel moet de service onderhands uitgevoerd worden. De bal dient op taillehoogte geslagen te worden en moet één keer stuiteren achter de servicelijn voordat deze diagonaal naar het servicevak van de tegenstander wordt gespeeld. Tijdens de service moet de speler achter de servicelijn blijven met ten minste één voet op de grond. Belangrijk om te onthouden is dat nadat de bal in het servicevak van de tegenstander is gestuiterd, deze alleen de glazen muur mag raken, niet het hekwerk.
Het spel
Padel wordt altijd in dubbelspel gespeeld en kent veel overeenkomsten met tennis, maar heeft ook enkele unieke regels. Deze sport is fysiek minder veeleisend vanwege het kleinere speelveld. Tijdens het spel mag de bal eenmaal de grond raken en kan, na deze stuit, de glazen muur of het hekwerk raken voordat hij wordt teruggespeeld. Het gebruik van muren en het hekwerk is toegestaan tijdens het spel, maar de bal moet eerst de grond raken voordat de bal tegen de oppervlakken stuitert. Een punt gaat verloren als de bal de spelers raakt, meer dan één keer de grond raakt, of de glazen muren of het hek raken zonder eerst op het speelveld van de tegenstander te stuiteren.
De score
De puntentelling in padel is hetzelfde als bij tennis, met punten die lopen van 0, 15, 30 naar 40. Bij een stand van 40-40, bekend als "deuce", moeten twee opeenvolgende punten gewonnen worden om het spel te winnen. Een set wordt gewonnen door de speler of het team dat als eerste zes games wint met ten minste twee games voorsprong op de tegenstander. Als beide teams elk zes games bereiken, wordt er een beslissende game (tiebreak) gespeeld om de winnaar te bepalen.
